Regels en richtlijnen

Aankomst en vertrek zeeschepen

Voor de vaarweg van zee naar Harlingen is in het BPR (art.9.02 en bijlage 13) bepaald dat de maximale lengte 140m bedraagt en de maximale diepgang 6m. Voor schepen die deze maten overschrijden kan Rijkswaterstaat ontheffing verlenen, hieraan kunnen voorschriften worden verbonden.

Voor de havens van Harlingen zijn geen maximale maten vastgelegd in wet- en regelgeving. De Havenverordening biedt de havenmeester (gemandateerd door B&W) de mogelijkheid om aanvullende beperkingen en maatregel op te leggen m.b.t. de toegestane afmetingen, loodsplicht en sleepbootassistentie.

Hoe werkt het?

Categorieën

  • 1 = zeeschepen lengte over alles tot 100m.
  • 2 = zeeschepen lengte over alles 100 – 125m.
  • 3 = zeeschepen lengte over alles >125m.

Categorie 1

Door Nautisch Beheer worden geen beperkende maatregelen opgelegd. Indien de omstandigheden hiertoe aanleiding geven, neemt de registerloods contact op met de dienstdoende havenmeester. Deze besluit of nadere maatregelen worden opgelegd.

In Nederland kennen we voor de afgifte en verwerking van scheepsafval het systeem van directe en indirecte financiering.

Categorie 2

  • Max. Windkracht = 8 Beaufortf
  • Min. Zicht = 1500 meter
  • Min. Sleepbootcapaciteit (min. 8 ton Bollard Pull): met boegschroef = 1, zonder boegschroef = 2
  • Aanvullende maatregelen / beperkingen of ontheffingen door dienstdoende havenmeester na overleg met registerloods.

Categorie 3

a)

  • Max. Windkracht = 4 Beaufort
  • Min. Zicht = 1500 meter
  • Min. Sleepbootcapaciteit (min. 8 ton Bollard Pull): met boegschroef   = 2, zonder boegschroef = 3

b)

  • Max. Windkracht = 7 Beaufort
  • Min. Zicht = 1500 meter
  • Min. Sleepbootcapaciteit (min. 8 ton Bollard Pull): met boegschroef   = 3, zonder boegschroef = 4

Aanvullende maatregelen / beperkingen of ontheffingen door dienstdoende havenmeester na overleg met registerloods.

Noot: Onder boegschroef wordt verstaan een boegschroef met voldoende vermogen en stuwdruk bij de actuele diepgang van het schip.

Meer informatie

Knelpunten zijn vooral

  • de ligplaats veerboot Vlieland,
  • de visserijsteigers 3, 8 en 31
  • passage zoutfabriek / Daalimpex (Verl. Industriekade)
  • Afbouwlocatie Damen Korte Lijnbaankade

Hiervoor geldt dat er tijdig afstemming plaats moet vinden tussen de registerloods en de dienstdoende havenmeester. De registerloods kan hierbij aangeven welke ruimte hij denkt nodig te hebben. Hierbij wordt rekening gehouden met de manoeuvreereigenschappen van het schip en de verwachte hydrografische en meteorologische omstandigheden.

Veerbootterminal:

Zo mogelijk moet de passagetijd worden afgestemd op de dienstregeling. Indien dit niet mogelijk is dan dient overleg plaats te vinden met Doeksen / EVT en Rijkswaterstaat om een alternatieve ligplaats voor de veerboot te bespreken.

Visserijhaven:

Dit vormt vooral een probleem tussen vrijdagochtend en maandagochtend. Bij tijdig bericht kan Nautisch Beheer er rekening mee houden dat op de steigers 3, 8 en 31 geen kotters dubbel afgemeerd worden. Indien een schip bij aankomst deze ruimte nodig heeft, houdt Nautisch Beheer hier rekening mee totdat het schip weer is vertrokken.

Kortom: zolang een dergelijk schip in de haven ligt, wordt op de steigers 3, 8 en 31 niet dubbel afgemeerd.

Overige ligplaatsen:

Afhankelijk van de eerste ligplaats, wordt in overleg bepaald of er nog meer knelpunten zijn, zoals dubbel gemeerde schepen aan de Industriekade, Zoutfabriek, Scheepswerf en Korte Lijnbaankade. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden met eventuele zwaairuimte.

Verkeersaanwijzingen:

De dienstdoende havenwachter op de Verkeerspost is bevoegd om verkeersaanwijzingen te geven. Op basis van het verkeersbeeld maakt hij hier zo nodig gebruik van om de vrije doorvaart te bevorderen en/of gevaarlijke passeersituaties te voorkomen. De registerloods geeft zo nodig informatie over de situatie ter plaatse en kan de Verkeerspost verzoeken maatregelen te nemen. De beslissing hiertoe blijft echter in handen van de dienstdoende havenwachter.

Sperren van de haven:

De registerloods kan de Verkeerspost verzoeken om de haven of een gedeelte daarvan te sperren. De beslissing hierover ligt uiteindelijk bij de d.d. havenwachter. Deze kan ook naar eigen inzicht besluiten de haven te sperren. Toestemming om door te varen bij sperren wordt uitsluitend verleend door de Verkeerspost. De registerloods verwijst overige scheepvaart voor toestemming naar de Verkeerspost Deze houdt hierbij zo nodig ruggespraak met de registerloods.

Tijdpoort:

Er wordt een Under Keel Clearance van 10% gehanteerd. Hier kan in overleg tussen de registerloods en de d.d. havenmeester van worden afgeweken, als de eigenschappen van het schip en het tracé hiervoor aanleiding geven. Verder dient een passende tijstroom te worden gekozen. Over het algemeen zal worden gestreefd de havenmond / Voorhaven bij slack tij te passeren. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de dwarsstroom voor de haven en het effect van de vul- en leegloopstroom in de haven.

Neem voor meer informatie contact op met de Havendienst van Harlingen:

Aanmeldprocedures Noordzeevisserij

De Havendienst Harlingen verzorgt de communicatie met de vloot en de toewijzing van ligplaatsen. Dit geldt ook aan de steigers van Visveiling Urk.

Havendienst Harlingen

Hoe werkt het?

Noordzeekotters die in Harlingen willen lossen, dienen een vooraanmelding te doen bij de Havendienst.

Voor wanneer moet u zich aanmelden

Vooraanmelding
ETA Aanmelden voor:
Vóór Vrijdag 12.00u Donderdag 15.00u
Vrijdag 12.00 – 18.00u Vrijdag 08.00u
Na Vrijdag 18.00u Vrijdag 12.00u

 

Wat willen we weten?

  • Hoe laat verwacht u binnen te lopen (ETA)?
  • Lost u rechtstreeks op de vrachtauto of via de Visveiling (heftruck)?
  • Hebt u specifieke wensen m.b.t. kadegebruik voor reparatie / onderhoud?
  • Zijn er andere zaken waarbij we rekening moeten houden bij de ligplaatsplanning? Na bovenvermelde aanmeldtijden wordt de ligplaatsplanning opgemaakt of bijgewerkt.

 

U ontvangt van ons zo spoedig mogelijk bericht retour met de toegewezen ligplaats. Wijzigingen dient u zo spoedig mogelijk door te geven!

Meldplicht bij binnenkomst en vertrek

U dient zich op VHF11 te melden bij de Havendienst:

  • Voor u de haven binnen loopt;
  • Voordat u los maakt om uw schip te verhalen / draaien;
  • Voordat u vertrekt van de ligplaats.

Havenafvalplan

In 1986 is in Nederland de Wet voorkoming verontreiniging door schepen (Wvvs) van kracht geworden. Hierin is voor schepen een verbod op afvallozing opgenomen evenals een verplichting voor havenbeheerders om scheepsafval in te nemen.

De haven van Harlingen wil graag een duurzame haven zijn. De Havendienst Harlingen heeft als beheerder van de haven een plan opgesteld waarin staat hoe het afval van schepen wordt ingezameld en verwerkt.

Het Havenafvalplan is opgesteld in nauwe samenwerking tussen de drie Noordelijke zeehavens: Groningen Seaports, Harlingen en Den Helder. Bij het overleg zijn ook de havengebruikers en de regionale overheden betrokken geweest. Het is daardoor voor schepen die regelmatig één of meerdere van de Noordelijke zeehavens aanlopen duidelijk op welke wijze zij hun afvalstromen kunnen melden.

Te downloaden:

Haven(geld) verordeningen

Voor alle burgers, bedrijven en ondernemers gelden regels. Deze regels, die meestal door de gemeenteraad worden vastgesteld, worden ook wel verordeningen genoemd. Alle verordeningen van onze gemeente zijn gepubliceerd op www.overheid.nl.

Havenverordeningen

Voor alle havengerelateerde zaken zijn specifieke verordeningen vastgesteld.

Zoeken naar verordeningen

U kunt op de website van de overheid zoeken naar verordeningen. U kunt de letters van uw postcode geven en/of zoeken op een woord of zindsdeel dat in de titel of de tekst van de verordening voorkomt.

Wanneer u enkel de letters van de postcode invoert en vervolgens op zoeken klikt, krijgt u alle geldige verordeningen getoond.

Markeren van onverlichte obstakels

De openbare kades in het Harlinger havengebied zijn veelal vrij toegankelijk en aangemerkt als openbare weg. Regelmatig worden delen van deze kades gebruikt voor tijdelijke opslag of stalling van containers, materialen, voertuigen en lading. Dit leidt regelmatig tot gevaarlijke situaties en schade aan passerende voertuigen.

Om dit te voorkomen is door het CROW een richtlijn opgesteld genaamd: “Richtlijn voor het markeren van onverlichte obstakels – CROW 130”.

Hoe werkt het?

Alle objecten/goederen die, met name tijdens de donkere uren, op de kades worden opgeslagen moeten goed zichtbaar zijn voor het wegverkeer. De beste manier is uiteraard middels goede verlichting, maar dat is niet overal praktisch uitvoerbaar of heeft niet altijd voldoende effect.

In die gevallen dienen deze zaken te worden gemarkeerd conform CROW richtlijn 130. Deze markering kan vast op het object zijn aangebracht of met losse markeringshekken / -bakens rond het object worden uitgevoerd.

De volledige richtlijn is te bestellen op de website www.crow.nl.

Vaarwegmarkering, speciale objecten en schepen

Tijdelijke afmeer- en beschermingspalen in de haven moeten volgens bepaalde richtlijnen van verlichting worden voorzien. Ook de verlichting van gemeerde schepen moeten aan richtlijnen voldoen.

Hoe werkt het?

1. Verlichting tijdelijke afmeer- en beschermingspalen
Regelmatig worden in de Harlinger haven tijdelijk palen geplaatst (hout of stalen buispaal) om kwetsbare schepen te beschermen of betere afmeermogelijkheden te realiseren. Deze palen, voor zover ze geplaatst zijn in het vaarwater, worden volgens de IALA-richtlijnen gezien als speciale markering. Dergelijke markering dient volgens de IALA-richtlijnen te worden uitgevoerd:

  • Kopmarkering (dagmerk): Cilindrisch geel, evt. voorzien van een geel liggend kruis.
  • Verlichting: Rondom schijnend geel. Het karakter dient niet verwarrend te zijn met bestaande witte verlichting (bijv. kardinale markering).

Tijdelijke voorzieningen

  • Palen die niet langer dan 1 jaar blijven staan worden gezien als “tijdelijk”. Deze worden derhalve niet opgenomen in de Hydrografische Kaarten.
  • De bovenste 100cm van de paal dient geel te zijn. De kleur geel dient in overeenstemming te zijn met de gebruikelijke vaarwegmarkering op de Waddenzee.
  • Palen dienen te worden voorzien van een rondom schijnend geel licht. Minimale zichtbaarheid bij goed zicht (>10 Zeemijl) dient 3 Zeemijl te zijn, berekend volgens de IALA-richtlijnen E-200. Het karakter dient vast (Fixed = F) te zijn. De eigenaar/beheerder van de paal dient op verzoek van Nautisch Beheer de specificaties, waaruit blijkt dat de verlichting aan deze eisen voldoet, te overleggen.
  • Na plaatsing dient de opdrachtgever de exacte positie van de palen in WGS-84 coördinaten (met 3 decimalen) door te geven aan Nautisch Beheer.

Vaste voorzieningen

  • Palen die langer als 1 jaar blijven staan, worden als vaste voorziening aangemerkt en opgenomen in de Hydrografische Kaarten. De opdrachtgever dient hiertoe de exacte positie van de palen in WGS-84 coördinaten (met 3 decimalen) door te geven aan Nautisch Beheer
  • Palen die dienen ter markering van het vaarwater worden als laterale markering uitgevoerd, met de daarbij behorende kleuren en verlichting.
  • Palen welke een onderdeel uitmaken van een vaste afmeerinrichting of zijn geplaatst ter bescherming van kunstwerken dienen, voor zover gelegen in of nabij het vaarwater, te worden voorzien van strijkverlichting. Deze verlichting mag niet verblindend of verwarrend  zijn voor de scheepvaart of het wegverkeer.
  • Bij vaste palen dient de bovenste 100cm wit van kleur te zijn.

2. Verlichting van gemeerde schepen in of aan het vaarwater
De verlichting van gemeerde schepen is geregeld in het BPR artikel 3.20. Over het algemeen kan worden gesteld dat gemeerde schepen voorzien moeten zijn van één of meer rondom schijnend witte lichten.

Hierop biedt het artikel echter een aantal uitzonderingssituaties (lid 5), waaronder:

  • Ligplaatsen met voldoende openbare verlichting, waarbij het schip voldoende zichtbaar is;
  • Schepen liggend op een veilige plek;
  • Op ligplaatsen of in vaarwater die door de Bevoegde Authoriteit als zodanig zijn aangemerkt.

Over het algemeen zijn de ligplaatsen aan de kades en steigers in de havens voldoende verlicht en afgeschermd voor de doorgaande scheepvaart, zodat verlichting achterwege kan blijven. Er zijn echter een tweetal plekken in de haven, te weten de Blauwe Kop (KNRM-station) en de Wachtsteiger Industriehaven, die direct aan een drukbevaren doorgaande vaarweg liggen én ook nog eens niet of onvoldoende verlicht zijn. Uit oogpunt van de veilige vaart in de haven is het dan ook wenselijk op deze plaatsen géén ontheffing van het voeren van de voorgeschreven verlichting te verlenen.

Richtlijn

  • Op basis van BPR-artikel 3.20 lid 5 aanwijzen van ligplaatsen waar schepen geen verlichting hoeven te voeren als vermeld in art. 3.20 lid 1 t/m 5.
  • Hiertoe alle daartoe ingerichte ligplaatsen in de haven aan te wijzen, echter met uitzondering van de Blauwe Kop (kades in gebruik bij KNRM) en de Wachtsteiger Industriehaven.

Meer informatie

Neem voor meer informatie contact op met de Havendienst van Harlingen: